COLUMN THIJS BOS
Voetballer Thijs Bos is al jaren een vertrouwd gezicht binnen onze club. Niet alleen als quizmaster bij de SVA Pubquiz, ook als voetballer bij onze senioren. Ook schrijft Thijs regelmatig een column voor ons. Deze week klom Thijs weer eens in de spreekwoordelijke pen.
17:00 uur.
ATC 9e uit.
8 man van onszelf (op papier 23).
Jeej, Ik heb echt er superveel zin in…
Zo kwam ik op het idee voor deze column. Morgen loop ik de 10KM van Enschede. Hard voor getraind. Maar eerst nog vanavond laat voetballen. Hopelijk geen blessures of spierpijn. Vandaag de hele dag naar de vaantjes. Ik heb getracht zo lang mogelijk in mijn nest te blijven liggen zodat de wedstrijd eerder komt. Tevergeefs. Wat gaan we doen? Ontbijten, schoonmaken, boodschappen. Zeeën van tijd. Als we nu voor het kampioenschap zouden strijden had ik mogelijkerwijs het enthousiasme wel kunnen opbrengen. Nu dreigt het seizoen als een nachtkaars uit te gaan. Eigenlijk is het ook best wel lekker. Normaal zitten we om 14:00 uur al aan het pils. Nu kun je mooi de klusjes doen die bij de wekelijkse beslommeringen zijn blijven liggen.
Mijn gedachten dwalen af naar een seizoen dat niet als een nachtkaars uitging. Mijn cranium heeft nog spierpijn van de avond ervoor (2-1 winst op Volendam) en moet hard werken om met iets op de proppen te komen. Ik kom er niet uit. Er zijn weinig seizoenen waar op het eind nog wat fut in zit. Langzaam besluipt mij het gevoel waarvoor ik het eigenlijk allemaal doe. Zaterdag vrij hebben is erg lekker. Volgende dag geen spierpijn. Je ontwikkelt andere hobby’s. En ook al zie ik eruit als een jonge god, ik word ook een dagje ouder. Je kunt ook lekker thuis op de bank pils drinken zonder eerst te voetballen. Pils in de kantine is sowieso veel te duur.
Dan moet ik denken aan het bericht van onze leider deze ochtend, eigenlijk aan het bericht wat daarop volgde. “16:00 uur verzamelen”. Een van de teamgenoten stuurt direct dat hij en zijn broer wat later zullen zijn. Terwijl mijn lever hevig begint te knorren en een vragend signaal afgeeft waarom er nog geen alcohol naar binnen aan het glijden is, komt er een glimlach op mijn gezicht. Dit bericht is voetbalhumor. Ik herinner mij een gesprek met mijn oom een paar maand terug. Hij was lichtelijk beduusd dat ik nog steeds voetbalde. Ik probeerde hem uit te leggen wat er nu zo mooi aan is. Het is een netelige situatie om te trachten dit uit te leggen aan een ziel die niet bevlekt is met het voetbalsyndroom. Je mag met je vrienden samen een hobby uitoefenen. Je krijgt wat beweging, en de dikwijls bijzonder kinderachtige voetbalhumor na de tijd, is een artistiek magnum opus. Eigenlijk is de humor ook aanwezig voor de tijd. En ook tijdens de tijd. En vergeet het sociale aspect niet van een voetbalkantine.

Ik had moeite om het aan mijn oom uit te leggen, en hij had moeite het te begrijpen. Het romantieke van het amateurniveau zijn juist de wedstrijden om 17:00 uur uit in Hengelo die echt absoluut nergens om gaan. Juist de flauwe grappen waarin gepretendeerd wordt dat spelers geen zin hebben in de wedstrijd. Juist de wetenschap dat de andere mensen er ook zo over denken, terwijl je elkander nog niet eens gesproken hebt. Juist de onuitgesproken tegenzin, die eigenlijk stiekem er helemaal niet is. Juist de 1,5 meegereisde supporters, die ook doen alsof ze er geen zin in hebben. Juist de verlepte voetbalvelden met meer onkruid als gras. Zelfs vanachter mijn laptop hoor ik 3 man tegelijk “DAN!!” schreeuwen om mijn vorige zinsnede. Als een strak geladen springveer wordt elke kans om iemand taalkundig en grammaticaal voor lul te zetten aangegrepen. Waren ze in het veld maar zo scherp. Amateurvoetbal is juist de opstelling die elke week hetzelfde is en elke week weer nergens op slaat. Juist de kousen die van je kuit glijden omdat de rek sneller verdwenen is dan een lekker bokje in de herfst. Juist de drassige scheet in de kleedkamer. Juist de persoon ernaast die roept, jij hebt zeker gezopen gisteren. Juist omdat die persoon zelf de grootste nathals van de club is. Juist het ballennet dat meer gat dan net is. Met 3 verschillende ballen nog zachter dan mijn pens. Juist de armetierige warming up, die net zoals mijn haargrens elk jaar vager en minder wordt. Iedereen doet maar wat, voor sommigen is de warming up niet meer dan een sigaret. Juist die ene te fanatieke teamgenoot die vindt dat hij aanvoerder moet zijn en nog snel een halve banaan weghapt. De keeper die met een te klein shirt in zijn handschoenen spuugt omdat de ballen erdoor glijden. Ik kan je een ding vertellen: dat de ballen langs je heen glippen, ligt niet aan het gebrek aan spuug in je handschoenen. Het is juist de tegenstander die wel ultra fanatiek allerlei barca-positie-tikkietakka-conditie-balgevoel-tactiek oefeningen op de mat probeert te leggen. De scheidrechter die 1 minuut voor tijd aankomt met 2 vlaggen op halfstok en geen bal. Bij Achilles is het zelfs soms zo erg dat de wedstrijdbal van de tegenstander moet komen. Ik zie het al, de scheids komt de middencirkel weer niet uit vandaag, maar ziet precies wanneer de vlagger verkeerd vlagt voor buitenspel. En precies allemaal tegen ons toevallig.
Over vlaggen gesproken, niemand wil dat. De grote smoesjes-waterval begint weer te klateren. Ik ben net door mijn enkel gegaan. Ik heb vorige week gevlagd. Ik was op tijd en hij niet. Ik kom er zo in, en dan van vlagger wisselen is ook zo’n gedoe. Ik ben te slim om te vlaggen. De linksbuiten heeft tape om zijn kapotte schoen en nu al ruzie met de tegenstander. De shirts zijn altijd te klein, om maar te zwijgen over de broekjes. Allemaal M of L. De sporadische XL-broekjes zijn compulsief ontvreemd, wassen mensen thuis, en nemen ze zelf mee zodat ze niet hoeven te vechten als de kledingtas los gaat. Of zijn wij zelf misschien groter en breder geworden? Nee dat kan niet. Het moeten de broekjes zijn, die worden steeds kleiner. De zon schijnt, maar wel achter lichte bewolking. Mijn blik glanst dwars door de zweetdruppels in mijn wimpers naar de bal. Hoe kom ik nu al aan zweetdruppels? Kan het door de warming-up komen? De aftrap is al van bijster laag niveau, maar dat komt natuurlijk door het veld. Ballen die over het hekwerk in de bosschages vliegen, of tegen een geparkeerde wagen. Die natuurlijk niemand ophaalt. Maar het moet wel, want de bal die er nu aan te pas moet komen is zo mogelijk nog aftandser.

Juist dit is het wonderschone aan amateurvoetbal. Alles bij elkander genomen is dit pure passievolle poëzie. De nachtwacht is er niks bij, want die droeftoeter van een Rembrandt zal wel nooit gevoetbald hebben. Het amateurvoetbal is een symfonie waar Beethoven wel oren naar heeft, ook al was die laffe pony doof. Het is een majestueus concert, waarbij de bal de dirigent is. Het is de sixtijnse kapel aan de Horstlindelaan, waar elke week overheen bijgeschilderd wordt. Het is een nog springlevende ruïne, waar Machu Picchu bij verbleekt. Cancel je trip naar the great barrier reef, en kom kijken in de diepste krochten van de 6e klasse. Het is toch fantastisch. Het is toch magisch. Het is een geschenk uit de hemel. Elke week weer, elk seizoen weer. Elke training en elke wedstrijd. Haal het Louvre maar leeg, en zet er ons team in. Flikker toch op met je gouden Roemeense helm die alleen maar gejat wordt. Onze kunst kan niet gestolen worden. Het is meer dan 22 stumpers die achter een bal aan hobbelen, het is een religie. Weemoedig glijden mijn gedachten af aan de argeloze zielen dit niet hebben ervaren. Want dan zul je het ook nooit bevatten. Dan is er een wereld aan je verloren. In het zweet uws aanschijns zult gij uw brood verdienen. Mooi, als ik er maar bij kan voetballen. Voetbal is verreweg het mooiste wat God ooit heeft uitgevonden.
“Kom kijken in de diepste krochten van de 6e klasse. Het is toch fantastisch. Het is toch magisch. Het is een geschenk uit de hemel. Elke week weer, elk seizoen weer.“
Ik heb voor de 10KM van morgen een bak havermoutpap gehaald. Die gaat nu naar binnen. Ik wil goed beslagen ten ijs komen, want straks mag ik weer voetballen! Straks mag ik weer doen alsof in geen zin heb. Stiekem voel ik lichte zenuwen in mijn benen kruipen voor de wedstrijd. Straks weet ik het, zal ik basis staan? Straks zie ik mijn vrienden weer! Straks mag ik weer lachen om de infantiele beuzelarijen voor de wedstrijd. Straks moet ik weer opletten op mijn grammatica. Straks mag ik weer ruiken van de drassige scheet in de kleedkamer, en met een beetje geluk in de auto al. Straks mag ik weer met tape om mijn schoenen vlaggen. Straks mag ik de kleuren van de club weer dragen, zoals ik nu al bijna 30 jaar doe. En ik hoop dat er nog 30 jaar bij komt!
Natuurlijk wil je winnen, maar diep van binnen boeit de uitslag geen reet. Straks mag ik weer het mooiste tijdverdrijf ter wereld uitoefenen!
17:00 uur.
ATC 9e uit.
8 man van onszelf (op papier 23).
Jeej, Ik heb echt er superveel zin in!!!!!!!!!!